The next post was written during our ‘BuZa-project’ in Israel and Palestine. I was supposed to write more about ‘The Holy Land’ during our trip, but I didn’t because I was so impressed by the things I’ve seen and heard. These two weeks weren’t enough to understand what happens there, but I hope to make it clear for myself to write it down in some impressions…
Later on more about my trip and articles in Israel and Palestine.
(The blog is written in Dutch)
Door Mathias de Graag
Journalist ben je 24/7. Zeven dagen per week. Of in ons geval nu pas vijf. De afgelopen dagen voelen echter als weken. ’s Nachts aankomen in Tel Aviv, dezelfde nacht doorrijden naar Jeruzalem en amper vijf uur later de oude stad verkennen. Mijn ogen trekken het maar net. ’s Middags vallen diezelfde ogen, vermoeid, op het programma van onze gids Meta Floor tot en met 19 januari. Weg is de vermoeidheid. Wat gaan we veel zien en doen!
Nu, vlak voor onze laatste nacht in Jeruzalem, ben ik weer moe. Verbaasd, geschokt, aangedaan, verrast maar vooral vermoeid. Afspraken met een VN-afgevaardigde, de partijvoorzitter van de Palestinian National Initiative (PNI), een gemeenteraadslid van Bethlehem, de oprichter van Breaking the Silence hakken er in. En dan heb ik het nog niet over de bezoeken aan Bethlehem, Ramallah, Jeruzalem en Nablus.
Stedentripjes.
Toch wat minder luchtig als je nagaat dat deze steden deels in de staat Israël liggen en/of in de Westbank. Onherroepelijk word je geconfronteerd met de scheiding tussen Israeliërs en Palestijnen. Soms wel heel letterlijk door een betonnen blokkade.
De muur.
De negen meter hoge muur. De muur waar een dag vóór ons bezoek aan vluchtelingenkamp Aida nog geschoten is vanuit een toren. Op kinderen. Door Israëlische soldaten. Het geeft de wandeling in Bethlehem een extra dimensie. Een heftige dimensie.
Heftig. Dat is het woord.
Yad Vashem, het holocaustmuseum in Jeruzalem, doet daar nog een schepje bovenop door binnen twee uur even WWII door te nemen. Gruwelijk, die oorlog. Je vraagt je af waarom mensen wapens gebruiken om elkaar om zeep te helpen. Of waarom mensen uberhaüpt elkaar vermoorden.
Wapens. Net zulke apparaten als het lange gevaarte dat om de schouders hangt van de voorbijlopende kolonist. In het museum. Het maakt indruk. Een misselijke indruk. Indrukwekkend is ook de originele Schindler’s List. Hij hangt er. ‘Gelukkig’ geeft dit mij een goed gevoel. De film grijpt mij aan. Juist omdat het einde van Spielbergs meesterwerk laat zien dat de mens meer is dan een gewetenloos dier. ‘I could have got more’, zou Oscar Schindler gezegd hebben. ‘Had ik maar meer joden gered’.
De joden.
Het ziet letterlijk zwart van de orthodoxe joden. Pijpenkrullen, keppeltjes, zwarte hoeden en zwarte ‘overjassen’. They’ve got it all. Al die tradities, rituelen en hun toewijding voor hun geloof. Ik kan mij er niet in vinden. Ik vraag me soms wel eens af of bijbelse figuren zich in hun graf zouden omdraaien als ze zien hoe het geloof hier wordt beleden.
Bijbelse figuren en hun graven. Jeruzalem zit er vol mee. Zowat iedere plek waar een kerk staat, is een heilige locatie. Zoals het graf van Simon bijvoorbeeld. Anno 2011 bidden er op die plek orthodoxe joden. Heen en weer buigend en met een luide stem lezen ze de Tenach op. Voor mij, Jeroen en Gie een cultuurshock. Drie toeristen alias Nederlanders met een journalistieke achtergrond, zijn de enige niet orthodoxe aanwezigen. Het bezoek duurde nog geen twee minuten. ‘Ik heb veel meegemaakt, maar dit….’, aldus Gie, die net terug is uit Irak.
Het geloof confronteert. Hun geloof. Of meer: de manier waarop ze geloven.
In Jeruzalem komen de drie grootsten samen. Het jodendom, christendom en de islam. En nee, niet alle joden en christenen zijn Israëlisch. Palestijnse christenen en Israëlische Arabieren lopen hier ook rond. Hoewel religie hier een grote rol speelt, is het voor mij niet de grootste aandachtstrekker.
Na deze vijf dagen vraag ik mij iets af. Als mens. Niet als christen en eigenlijk ook niet als journalist. Hoe kan dit? En waarom? Ik word gedesillusioneerd achtergelaten in Jeruzalem.
En dat in vijf dagen.